Toen ik buiten stond wist ik dat ik hem niet meer op zou zoeken.
Met een paar biertjes in mijn handen belde ik een kwartiertje daarvoor aan. Ik had wat speciaals uitgezocht waarvan ik wist dat ze wel in de smaak zouden vallen. Het waren Quadruples en dat is ook naar mijn smaak.
We hadden afgesproken dus ik mocht er van uitgaan dat ik niet ongelegen kwam.
Hij opende de deur terwijl hij op zijn mobieltje staarde. ‘Maar wat deed ze in februari ‘77’, zei hij hardop. Meer om mij in zijn gedachten te betrekken dan om de vraag te stellen. Hij was het immers al aan het uitzoeken.
Dat is tegenwoordig met AI niet zo moeilijk meer, maar sinds mijn vriend een actief gebruiker werd is hij verslaafd. Zijn obsessie gaat vooral uit naar wat Kate Bush dan en dan deed.
Ik ken mijn vriend al jaren en ik nam nooit een bijzondere interesse in de muziek van Kate Bush bij hem waar. Muziek interesseerde hem, zo ver ik wist, sowieso weinig.
Vanavond vroeg ik het hem, nog op de mat, op de man af. wat bezielt je? Waarom Kate Bush?
‘Omdat’, zei hij; ‘zij mijn moeder moet zijn’.
Zoiets raars had ik niet verwacht. Mijn vriend woonde nog bij zijn moeder. Sterker nog; ze zat achter hem op de trap met haar handen kruislings op haar schouders, wiegde met haar lichaam een beetje naar voren en naar achteren en jammerde zachtjes. ‘Om gek van te worden’, zei ze en ze keek mij hoofdschuddend aan.
‘Maar je moeder, gek, ze zit achter je’, merkte ik op. ‘Weet jij zo zeker dat je moeder je moeder is?’, vroeg hij en uit zijn blik begreep ik dat hij mij slim wilde aankijken.
‘Ja, nee’, antwoordde ik en het stoorde me dat ik serieus op waanzin moest ingaan.
Heeft hij ook opgezocht wat zijn moeder, ik bedoel de moeder die achter hem zat, natuurlijk bedoel ik die moeder, in februari 1977 deed? Ik vroeg het hem.
Dat kan AI niet weten zei hij. Daar is de data nog niet toereikend genoeg voor.
‘Wil je me dan wel geloven’, riep zijn moeder nu wanhopig. Je geboortecertificaat erken je niet, je tante Frida zit volgens jou in het complot, papa is dood dus die kan het je niet vertellen. Wat moet ik doen om jou te overtuigen!’
Mijn vriend glimlachte verstoord en antwoordde haar terechtwijzend; ‘Ik heb er geen probleem mee dat je bij me woont, maar het moet wel een beetje in rust zijn’.
Ik had geen zin meer in de biertjes, geen zin meer in dit gezelschap. Ik pakte mijn telefoon en gaf de opdracht om vijf plekken op te zoeken waar ik nu beter kon zijn.
Ze bevielen me alle vijf.
Opgelucht zei ik dat ik weer eens verder moest. De biertjes mochten ze houden maar mijn vriend, of zo, hoefde ze niet. Terwijl ik de deur achter me dichttrok hoorde ik hem tegen de vrouw achter hem zeggen; ‘Kate Bush drinkt geen bier. Eigenlijk helemaal geen alcohol.’
