De man

Hij was helemaal niet getrouwd en daar zat hij weer. Met een foto van een lachende vrouw op het beginscherm van zijn telefoon en een trouwring om zijn ringvinger op een speciaal door hem uitgekozen plekje naast een leuk meisje in de trein. 

Er waren vrije plekken geweest maar hij had verstrooid geacteerd. Het meisje had naar hem geglimlacht. Zo’n soort meisje was het. Niet het soort dat onverschillig wegkeek en zich afsloot.

Waar het opeens vandaan kwam wist hij niet maar hij zei; ‘Ik ben helemaal niet getrouwd.’

Het meisje schrok duidelijk. Het was ook wel een beetje raar. Zelfs van een man waarvan je wel iets geks kon verwachten. Zo’n man die bij je komt zitten terwijl er plaats genoeg is.

Ze kon niet doen alsof ze het niet gehoord had. Dat ze schrok moest hij gezien hebben. Hij wachtte duidelijk op haar reactie. 

Waarom was ze zo? Waarom had ze toch dat lieve gezichtje? Waarom dit frêle lichaam. Waarom deze donkere ogen die de eenzamen aantrekt? Waarom dat aura van onschuld waarvan ze zich bewust was?

Het gaf eenzame oudere mannen, want het gebeurde vaker, moed om het bij haar te proberen. Van hun kant zoekende gesprekjes.  Bijna altijd voorzichtig maar hoopvol. Soms echter ronduit vrijpostig. Onaangenaam. Maar altijd ergens bedreigend. 

Voor haar was het zoeken naar antwoorden. Vriendelijk afhouden. Heel weinig tot niets over haarzelf loslaten. Het gesprekje dood proberen te laten bloeden.

Niet zelden zei ze dan dat ze moe was. Dat ze even wilde rusten. Ze sloot dan haar ogen en ze voelde telkens hun ogen op haar gericht. Terwijl ze wel of niet echt sliep droomden de mannen haar een relatie met hen in. Ze wachtte met uitstappen totdat ze zeker was dat de man die bij haar was het opgegeven had en naar een uitgang liep. Dan stond ze op en nam de andere uitgang. Of bleef zitten.

Nu, bij deze man, die helemaal niet getrouwd was, werd het gelijk een beetje eng. Wie gaat er nou met een trouwring lopen als je niet getrouwd bent? Misschien als weduwnaar, daar kon ze zich iets bij voorstellen, dus ze besloot dit misschien voor hem onverwachte te vragen; ‘Bent u misschien weduwnaar meneer?’

Hij schudde zijn hoofd; ‘Nee, zelfs dat kan ik niet zeggen.’ Ik heb nog nooit een meisje gehad. Zo lang niet dat ik een ring ben gaan dragen omdat ik me een beetje schaam.

Ze voelde sympathie voor de man maar ze wist dat ze op haar hoede moest zijn. Sympathie heeft de neiging om te ontwapenen. Het kon een trucje van hem zijn.

Plotseling stond de man op. ‘Ik moet er uit mooi meisje. Dankjewel dat ik even bij je kon zitten. Dag hoor.’

Hij knikte haar toe. Zij prevelde verrast en keek hem achterna terwijl hij stiekem hoopte dat ze achter hem aan zou komen lopen. 

Dat deed ze niet. Goed voor haar!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *