Hij kende haar eigenlijk alleen in badpak. Een twintiger, zwemmend, net als hij ‘s ochtends vroeg in het zwembad in een buitenwijk van deze middelgrote stad.
Slanke lijn, zwart badpak, blauw chloorbrilletje. Ze viel hem niet echt op. Zeker niet zo vroeg in de ochtend als hij nog half groggy van buiten de zwembadwarmte binnenstapte. Zeker ‘s winters niet als hij vanuit kou, nat of beiden het zwembad in kwam.
Bovendien verliest de mens in het zwembad iets van het menselijke. Het wordt een chloorwezen. Dat is natuurlijk ook de bedoeling. Je deelt het water en het is fijn dat het water zuivert. Het neemt het afstotelijke van de mens weg maar ook het aantrekkelijke. Het dierlijke.
Alles aan het lichaam krijgt die lichte chloorgeur. Haar, huid en mond. Voor de rest, hij is geen hond dus daar denkt hij verder niet aan.
Nat haar, chloorbrilletje. Hij in zijn lullige zwembroekje, buikje met wat haar. Nee, een zwemochtend bracht hem niet in versiermodus.
Hij kende haar naam. Ze had haar mobiel aan de rand van het zwembad eens moeten beantwoorden. Direct naast waar hij het water in wilde gaan. Paula. Hij had het onthouden zonder het in te prenten.
Het werd zomer en het zwembad organiseerde een barbecue voor de vaste abonnees. Hij ging. Zin had hij absoluut niet, maar hij had al zo vaak meegemaakt dat waar hij geen zin in had bijzonder leuk uitpakte, dat hij ging.
Het eerste uur was het gewoonweg kut. Hij had nauwelijks aanspraak. Alleen een beetje van een man waarmee hij ‘s ochtends soms stond te wachten om binnen te gaan. Een weinig interessante kerel. Zo kwam hij tenminste over en daarin kwam deze avond geen verandering.
Het was afzien totdat hij twee biertjes op had. Of hij het opgaf te proberen het leuk te gaan vinden en daardoor juist leuk werd of dat het bier zijn sociale smeerfunctie waarmaakte kon hij achteraf niet zeggen, maar toen hij een hamburgertje op zijn bord legde raakte hij in een vrolijk gesprekje met een vrouw die iets te los was. Je hebt van die lui, bijna gênant babbelerig maar je hebt er iets aan als je om aanspraak verlegen zit.
Hij maakte zich los van de vrouw en overzag de parkeerplaats waar een veel jongere vrouw een balletje trapte met een paar jonge kinderen. Hij herkende haar wel. Het was Paula.
Wat een uitstraling! Echt iemand die los staat van anderen. Een leidende persoonlijkheid. Een sfeermaker. Een vrolijkerd en nog aantrekkelijk ook. Veel te aantrekkelijk voor hem. Dat snapt hij wel.
Met zijn biertje staat hij daar. De bal rolt zijn kant op. Hij speelt hem voorzichtig naar een kind dat de bal weer naar Paula speelt.
Hij is met Paula bezig. Met haar losse bruine shirt en beige korte broek. Wat een leukerd!
Dan wist ze met haar hand het zweet van haar voorhoofd, stopt het spel met de kinderen die samen verder voetballen. Ze loopt langs hem om wat te drinken te halen. Hij neemt haar geur op. Niets sterks, gewoon subtiel, vrouw, en hij gaat achter haar aan, naar het barretje.
Hij kan zijn tong wel afbijten nadat hij het gezegd heeft maar zij lacht hem vrolijk toe. Ja hoor, hij mag haar wel wat aanbieden. Dat doet hij dan ook. Een gezellig gesprekje volgt.
Hij hoopt het begin van meer. Zij helpt hem uit de droom zonder dat ze het weet. Ze heeft haar conditie bij dit zwembad kunnen onderhouden maar na de zomer begint ze aan een baan in het Noorden van het land. Ze trekt bij haar vriend in; ‘Leuk je gesproken te hebben!’
Ze is nog niet gelijk weg. Hem is deze avond, waarvan hij alleen verwachtte dat het zoals altijd wel mee zou vallen, bijzonder tegengevallen. Hij vertrekt nadat hij zo’n beetje naar de nog aanwezigen zwaait. Paula staat net met haar rug naar hem gekeerd dus zijn afscheid valt haar niet op.
In zijn eentje terug op de fiets besluit hij een troostmilkshake bij MacDonalds te halen. De prijs valt hem niet mee.
Nee, het was allemaal geen succes.
